Tandvleesontstekingen (gingivitis en parodontitis) zijn aandoeningen waarbij tandplaque een belangrijke rol speelt. Als de tandvleesontsteking ernstig is (parodontitis) kan aanvullend bacteriologisch onderzoek noodzakelijk zijn. Indien uw behandelaar weet welke bacteriën aanwezig zijn onder het tandvlees kan een gerichte behandeling ingezet worden.

Wanneer een microbiologisch onderzoek?

Bij ernstige parodontitis kan microbiologisch onderzoek uitwijzen welke bacteriën onder het tandvlees aanwezig zijn, zodat op grond van een zorgvuldige diagnose een gerichte behandeling kan worden ingezet, eventueel met ondersteuning van een antibioticum.

Een tweede microbiologisch onderzoek na afloop geeft aan of verdere behandeling nodig is.

Ook vóór het plaatsen van tandvervangende implantaten is het zinvol microbiologisch onderzoek uit te voeren om latere ontsteking rondom het implantaat uit te sluiten.

Het afnemen van een monster

Er zijn verschillende testen voor microbiologisch onderzoek: de kweekmethode en de DNA-techniek. Uw tandarts of mondhygiënist bepaalt welke test in uw geval de beste diagnose mogelijk maakt. Met een dun papieren stiftje worden monsters genomen van de tandplaque die zich onder het tandvlees bevindt. Dit is geheel pijnloos.

Analyse van bacteriën op het laboratorium

De monsters worden opgestuurd naar een bacteriologisch laboratorium en door een team van deskundigen (microbiologen en parodontologen) beoordeeld. Uw tandarts of mondhygiënist krijgt zo een wetenschappelijk verantwoord advies om, indien nodig, de behandeling met een antibioticum te ondersteunen.